Het overduidelijke verduidelijkt

16 mei 2018 Actueel, BiB Public, Blogs

Waarom psychologisch onderzoek vaak voordehandliggend lijkt.

Column door neurowetenschapper Laura Jonkman

Ben je die voor de hand liggende onderzoeken ook wel eens tegengekomen? Onderzoeken waarvan je je afvraagt waarom ze überhaupt gedaan zijn, omdat de uitkomst toch al zo overduidelijk duidelijk is? ‘Wetenschappers hebben aangetoond dat bellen tijdens het autorijden gevaarlijk is’, ‘van lopen op hoge hakken gaan je voeten zeer doen’, ‘een depressieve ouder laat een kind niet onberoerd’, ‘objecten die verder weg staan zijn moeilijker te zien’, ‘chocolade is verslavend’ en ‘roken is schadelijk voor je gezondheid’. De grote vraag is dan ook; waarom geld en tijd stoppen in onderzoeken waarvan de uitkomst toch al bekend lijkt te zijn?

Soms is het echter noodzakelijk om het voor de hand liggende te bewijzen met harde feiten en cijfers, steeds maar weer. Alleen dan kan er invloed uitgeoefend worden op beleid en management. Slaapexperts kwamen door verschillende onderzoeken telkens weer tot de (overduidelijke) conclusie dat artsen, piloten en buschauffeurs die niet genoeg slaap kregen, fouten maakten, mogelijk met desastreuze gevolgen. In eerste instantie werden deze onderzoeksresultaten afgewimpeld met ‘artsen zijn anders, die zijn daar niet gevoelig voor en kunnen beter tegen slaapgebrek’. Pas na herhaald onderzoek, steeds met dezelfde resultaten dat reactiesnelheid en motoriek (ook bij chirurgen) sterk achteruit gaan bij slaapgebrek, kwamen er regels en wetten met betrekking tot werkuren en pauzes. Ook de huidige anti-alcoholcampagnes en strengere leeftijdscontroles voor tieners komen voort uit herhaald onderzoek waaruit naar voren komt dat (excessief) alcoholgebruik schadelijk is voor het ontwikkelende brein.

En dan zijn er nog de onderzoeken die zo duidelijk lijken, maar dat misschien juist helemaal niet zijn. Een advies als ‘verwacht niet te veel, dan kun je ook niet teleurgesteld worden’ blijkt toch geen wetenschappelijke steun te krijgen. Zo blijkt dat studenten die verwachten slecht te presteren op een tentamen, en dat ook deden, zich slechter voelden dan studenten die slecht presteerden maar met een positieve instelling aan het tentamen begonnen. Een ander voorbeeld is het placebo-effect (een positief effect van een middel dat geen werkzame bestanddelen bevat): wie zou verwachten dat een zoutoplossing net zo effectief kan zijn om pijn te bestrijden als een echt medicijn? Of onze aannames over voor zichzelf sprekende onderzoeken eigenlijk wel klopten, werd al onderzocht door Doob & Gross in 1968. Zij vroegen mensen of ze dachten dat er vaker getoeterd werd naar auto’s met een lage sociale status of hoge sociale status als die voor een groen licht zouden blijven staan. De algemene consensus was dat er sneller getoeterd zou worden naar auto’s met een hoge sociale status. Maar uit het daadwerkelijke onderzoek kwam naar voren dat er juist vaker getoeterd werd naar auto’s met een lage sociale status.

Psychologisch onderzoek heeft soms hetzelfde probleem als een nieuwe uitvinding of moderne kunst. ‘Dat had ik ook kunnen bedenken!’ is achteraf vaak makkelijk gezegd. Dit wordt ook wel de illusie van verklarende diepte genoemd; mensen weten vaak minder dan dat ze denken te weten. Onderzoekers Rozenblit en Keil onderzochten dit in 2002. Ze vroegen proefpersonen hoe zeker ze waren dat ze wisten hoe een apparaat (naaimachine of horloge) werkt. Daarna moesten de proefpersonen daadwerkelijk uitleggen hoe iets in elkaar zat en nogmaals aangeven hoe zeker ze waren over hun kennis. Het ingeschatte kennisniveau was nu drastisch lager dan voorafgaand aan het experiment. Mogelijk geldt dit ook voor psychologisch onderzoek – mensen zijn zich er niet van bewust hoe lastig het is om iets van te voren te beoordelen (maar denken achteraf dat het erg logisch is).

Wanneer de kranten weer met voor de hand liggende headlines komen, heeft dat misschien wel een reden. Maar er is ook een andere mogelijkheid: misschien was het onderzoek toch niet zo voor de hand liggend als het lijkt? Als je leest ‘een taak wordt leuker als je er minder voor betaald krijgt’, denk je dan direct ‘ja natuurlijk, dat is toch overduidelijk duidelijk?’

 

Deze column is verschenen in Eos Psyche & Brein


< Terug